BLOG

ODE AAN: GRUTTE PIER

04-10-2011

Grutte Pier was een beer van een man, een tijger van een vent, een tank van een kerel. Hij was letterlijk en figuurlijk misschien wel de grootste held van Friesland, na Abe Lenstra en Foppe de Haan. Hij was een legendarische krijger met bovenmenselijke krachten. Samen met zijn neef Wijerd voerde Pier het Friese rebellenleger aan dat hij ‘Arumer Zwarte Hoop’ had genoemd.

Grutte Pier was een reusachtige kerel van twee meter vijftien. Hij kon munten buigen tussen zijn duim en zijn wijsvinger, een kunstje waar je op zich niet veel aan hebt, maar toch. Ook nam hij met gemak een paard van 500 kilo op zijn schouders. Als je Pier boos had gemaakt had je een groots probleem, want dan werd hij naar het schijnt een angstaanjagende verschijning. Bovendien had hij een zwaard dat zes kilo woog en waarmee hij meer dan een hoofd tegelijk kon afhakken! Pfff.

Grutte Pier vocht met zijn rebellenleger voor zijn Friesland. Er was in Piers tijd nogal veel strijd in Nederland, waar je zelf maar de geschiedenisboekjes op moet naslaan. Feit is dat Grutte Pier naast een Friese strijder ook een piraat was en schepen aanviel. Maar: geen Friese schepen. Om te testen of iemand Fries was moest iemand het volgende, door Grutte Pier bedachte zinnetje zeggen:

“Bûter, brea en griene tsiis, wa’t dat net sizze kin, is gjin oprjochte Fries.”

(Boter, brood en groene kaas, wie dat niet zeggen kan is geen oprechte Fries)

Kon je dat niet zeggen, dan was je dus geen Fries en hakte Grutte Pier jou en je bemanning in de pan, om vervolgens je buit te stelen en je uit te lachen. Niet voor niks noemde men hem ‘de schrik van de Zuiderzee’, want dat was waar hij huishield. Piraten op het IJsselmeer, ze bestonden echt.

Maar Pier was naast een schurk dus ook een Friese held. Vandaar dat hij een ode verdient.


Een man als Grutte Pier verdient naast een ode op Jägerland natuurlijk ook zeker een standbeeld.